Zet zo min mogelijk woorden op een dia (het liefst niet meer dan zes). Het is de bedoeling dat de dia je ondersteunt, hij moet niet afleiden. Als je dia te vol is luisteren je klasgenoten niet meer naar jou. Dan zijn ze alleen nog maar aan het lezen. Gebruik ook geen afleidende beelden, animaties, kleuren en geluiden. Zeker niet bij de overgang van de ene naar de andere dia; dit is ergernis nummer 1 bij presentaties.
Misschien denk je door de voorgaande regel nu wel dat je een hele saaie presentatie moet maken. Dit is niet zo! Je wilt natuurlijk niet dat je klasgenoten in slaap vallen. Je kunt heel goed afwisseling in je presentatie aanbrengen, als je het maar simpel houdt. Gebruik bijvoorbeeld een plaatje dat heel goed past bij wat je aan het vertellen bent. Of gebruik een andere kleur voor een belangrijk gedeelte.
Leesbaarheid betekent eenheid in lettertype en lettergrootte. Gebruik één, maximaal twee lettertypes in je presentatie. Wat betreft grootte: onder de 14 punten kunnen je klasgenoten achterin het niet meer lezen. Probeer zo rond de 18 punten te blijven.
De beginpagina kun je het beste leeg laten. Zo voorkom je dat je de openingdia laat zien, terwijl je nog niet begonnen bent. Als het nodig is kun je tijdens je presentatie ook een lege dia invoegen. Bijvoorbeeld als je alle aandacht wilt tijdens het vertellen van een verhaal. Of tijdens het vragen beantwoorden aan het einde van je presentatie.
Denk eraan dat je de PowerPoint dia’s slechts ter ondersteuning van je spreekbeurt zijn. Je spreekbeurt moet goed overkomen, anders heb je aan de mooiste PowerPoint presentatie nog niets. Bereid dus goed voor wat je wilt gaan vertellen. Oefen één keer (of vaker) voor je ouders, of hardop voor de spiegel. Dan zijn de woorden niet meer vreemd voor je. Hiermee voorkom je ook dat je de dia’s gaat voorlezen.
Voor de dag van de presentatie is het erg verstandig om je PowerPoint te testen in de klas.
Doet alles het zoals je het had bedacht? Doe het wel als de groep er niet is; in de pauze bijvoorbeeld, anders zien je klasgenoten het al.
- Let op de tijd. Besteed niet teveel aandacht aan de eerste dia’s, anders kom je aan het einde in de knoei met de tijd.
- Vertel het juiste verhaal bij elke dia. Het is erg verwarrend voor je klasgenoten als je iets vertelt, terwijl een dia te zien is die niet bij je verhaal past.
- Kijk naar je klasgenoten en niet teveel naar het digibord.
- Laat het licht aan.